Citaten

CITATEN

Over Grøndahl:

(Trouw, 25 okt. 2003, T. van Deel)

Toen vijf jaar geleden zijn eerste Nederlandse vertaling verscheen, ‘Stilte in oktober’, was het meteen duidelijk dat hier een belangrijke schrijver werd geïntroduceerd. Het boek werd gretig ontvangen. Nu zijn vijfde is uitgekomen behoeft Grøndahl allang geen aanbeveling meer, zijn werk is een thematisch samenhangend geheel, waarvan de onderdelen elkaar alleen maar versterken. Grøndahl heeft, een compliment voor zijn vertaler Gerard Cruys, in het Nederlands een eigen toon en vertelwijze, die niet tot verwarring met andere schrijvers kan leiden.

[wordt vervolgd]

'Stilte in oktober':

Korte bespreking:

De Deense auteur (1959) publiceerde o.m. romans, essays, toneel en hoorspelen en is een van de succesvolste schrijvers van dit moment in Noord-Europa. Deze roman uit 1996 is de eerste Nederlandse vertaling (die uitstekend is, van Gerard Cruys die ook Peter Høeg vertaalde). Op een dag verlaat Astrid na 18 jaar huwelijk haar man, een 44-jarige kunsthistoricus. Zomaar, zonder enige aankondiging. Via de afrekeningen van haar creditkaart kan hij haar weg door Europa volgen. De plotselinge breuk in zijn leven veroorzaakt bij de man een stroom van herinneringen en reflecties over zijn eigen en hun gemeenschappelijk verleden, die leiden tot een existentieel zelfonderzoek dat aan Kierkegaard doet denken in zijn onmogelijk verlangen naar herhaling en herkansing. In rustige, stromende zinnen vertelt Grøndahl perspectiefrijk en geraffineerd het verhaal van de generatie van de 'veertigers'. Het verwerken van deze belangwekkende roman vereist enige intellectuele inspanning, maar is zeker de moeite waard. De existentiële lijn zet zich overigens voort in de nog niet vertaalde nieuwe roman 'Lucca'. Normale druk. - G. Brandorff.

© NBD/Biblion, 2002-2009

'Veranderend licht':

Copyright © All Rights Reserved

"De geraffineerde eenheid in Grøndahls romans is een muzikale eenheid; er is een grondtoon waarop hij naar believen kan variëren. Veranderend licht gaat over pijnlijke veranderingen in iemands leven, zoals de titel aangeeft. Een echtgenoot is niet trouw; kinderen blijven niet voor altijd thuis; een vader is geen echte vader. Vertaler Gerard Cruys heeft dat motief in zijn vertaling een krachtig accent gegeven. De laatste zin gaat over een mensenleven dat is als een hart van populierenhout `dat kan trillen en weerklinken van alles wat er passeert'. Dat passeren is schitterend dubbelzinnig. Het betekent zowel voorbijgaan als gebeuren. Het genadeloze slot van een grootse roman."  

Kester Freriks in NRC, 5 december 2003.

Over Jens-Martin Eriksen: 

'Winter bij dageraad'

STINE JENSEN

 recensie | Vrijdag 02-04-1999 | Sectie: boeken | Pagina: 32 | Stine Jensen

Denen doen het goed in Europa. De auteur Peter Høeg brak alle bestseller-records met zijn thriller Smilla's gevoel voor sneeuw, filmmaker Lars Von Trier gooide hoge ogen met Breaking the Waves en onlangs oogstte zijn Dogma-collega Thomas Vinterberg succes met de film Festen. Deze Deense mannen hebben gemeen dat zij gefascineerd zijn door één thema in het bijzonder: het Kwaad. Høeg en Vinterberg kiezen daarbij het perspectief van de slachtoffers; Lars Von Trier zaait bij voorkeur twijfel over dader- en slachtofferschap.

Jens-Martin Eriksen (1955), net als Peter Høeg en Jens Christian Grøndahl een van de belangrijkste hedendaagse auteurs van Denemarken, deelt de fascinatie voor het Kwaad met zijn landgenoten. Eriksen schreef filmscenario's, toneelstukken, verhalenbundels en negen romans. Zijn werk behoort tot de zogenaamde `monologische maalstroom'-literatuur, een traditie in de Deense bekentenisliteratuur die gedragen wordt door het afwijkend gedrag en de lijdensweg van de hoofdpersonen.

(...)

Een terugkerend thema in het werk van Eriksen is de idee dat het Kwaad niet te lokaliseren is in bepaalde individuen. Eriksen onderscheidt zich op dit punt van twee andere bekende schrijvende Deense collega's in de monologische traditie, Gynther Hansen en Peer Hultberg, wier romans vooralsnog helaas onvertaald bleven. Daar waar Hansen de oorzaak van het Kwaad in de maatschappij op historisch niveau plaatst - hij schreef onder meer een boek over de jaren dertig met de titel Hitler, min far og mig (Hitler, mijn vader en ik) - en Hultberg een psychoanalytische verklaring op individueel niveau geeft, zoekt Eriksen in Winter bij dageraad de oorzaak van gruweldaden in de technische taal van het Kwaad, een taal `die het onderscheid tussen goed en kwaad niet kent'.

Winter bij dageraad is fascinerend door de identificatie die wordt afgedwongen met een oorlogsmisdadiger. De lezer voelt sympathie noch afgrijzen voor hem, maar raakt gehypnotiseerd door de monoloog, wordt medegevangene in de taal, en verkeert daardoor in een zelfde merkwaardige `koude' toestand als Z. Eriksen neemt bovendien geen moreel standpunt in, en daarin ligt een confronterende conclusie besloten. Het Kwaad is een talig virus dat groter is dan de mens. Een virus dat besmettelijk is en iedereen kan treffen.

Info: Jens-Martin Eriksen: Winter bij dageraad. Vertaald uit het Deens door Gerard Cruys. Wereldbibliotheek, 160 blz. f.34,50

Over Makanin:

Laconieke novelles vol antihelden

Vladimir Makanin - Geslaagd verhaal over de liefde

29 april 2005

Er zijn maar weinig landen die zoveel fascinatie oproepen als Rusland. Het is het land waar misdaad en commercie hand in hand gaan met politiek en cultuur. Een land waarin de schrijvers bijkans tot wanhoop worden gedreven, doordat hun geschriften niet langer subversief en aanstootgevend zijn en ze ongevaarlijk en irrelevant zijn geworden. Een land waar desondanks nog steeds prachtige literatuur wordt geschreven, zoals Vladimir Makanin maar weer eens bewijst met de recentelijk door Gerard Cruys vertaalde bundel Geslaagd verhaal over de liefde: zes novellen.

Vladimir Makanin: Schrik. Uit het Russisch vertaald door Gerard Cruys. De Arbeiderspers, 448 blz. € 19,95

Met de toenemende vergrijzing van de Europese bevolking kon  niet uitblijven dat het seksleven van de bejaarde medemens in de literatuur aan de orde komt. De Russische schrijver Vladimir Makanin, inmiddels ook de zeventig gepasseerd, doet dat met veel verve in zijn laatste boek,Schrik, dat onlangs in een prachtige vertaling van Gerard Cruys is verschenen. 

(recensie in NRC, 8 augustus 2008, door Arthur Langeveld)